Informatie voor terugkerende Nederlanders

Terugkeren naar Nederland met een buitenlandse partner.

MVV procedure

Hebben Nederlanders een gezin gesticht in het buitenland, dan zal de partner of echtgenoot over het algemeen moeten voldoen aan de strenge voorwaarden van de MVV-procedure (Machtiging Voorlopig Verblijf).

Het is daardoor vaak niet mogelijk om in één keer met het hele gezin naar Nederland te komen.
De Nederlandse hoofdpersoon moet namelijk in veel gevallen eerst in Nederland op zoek naar een baan met een jaarcontract. De buitenlandse partner moet vóór de komst naar Nederland slagen voor het basisexamen inburgering. Hierdoor worden gezinnen soms voor langere tijd van elkaar gescheiden.

Een MVV is niet altijd verplicht. Zo zijn de volgende nationaliteiten vrijgesteld van het MVV-vereiste: Australië, België, Bulgarije, Canada, Cyprus, Duitsland, Denemarken, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Japan, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Monaco, Nieuw Zeeland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Slowakije, Spanje, Tsjechië, Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië, Noord-Ierland, Verenigde Staten van Amerika, IJsland, Vaticaanstad, Zuid-Korea, Zweden, Zwitserland. Van nationaliteiten van de Europese Unie (behalve Nederlanders) zijn ook partners, echtgenoten en andere gezinsleden vrijgesteld van het MVV-vereiste, ook al hebben zij zelf een andere nationaliteit.

Kamervragen

Voor deze problematiek is aandacht geweest in het radioprogramma van ARGOS op 27 december 2014. Naar aanleiding daarvan zijn door kamerlid Schouw van D66 vragen gesteld aan Staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie). De meeste vragen gaan over problemen rond de dubbele nationaliteit en verlies van het Nederlanderschap.

Wel gaat de staatssecretaris in zijn antwoord van 10 februari 2015 in op de problemen die terugkerende Nederlanders ervaren om aan de inkomenseisen te voldoen voor gezinshereniging. Met name de eis dat de inkomsten duurzaam moeten zijn lijkt de meeste problemen te geven.

In zijn antwoord geeft de staatssecretaris aan dat hij de Tweede Kamer zal informeren over de uitkomsten van het gesprek dat hij voornemens is te hebben met expats over het niet kunnen voldoen aan de inkomenseis door Nederlanders die langere tijd in het buitenland hebben gewerkt en daar een gezin hebben gesticht en met dit gezin willen terugkeren.

Voor zover bekend, is hier verder vooralsnog niets meer mee gebeurd. De disussie lijkt te verstommen.
In de tussentijd blijven Nederlanders die willen terugkeren naar hun ‘eigen’ land tegen onnodige obstakels aanlopen.

[UPDATE 24-03-2017]: In een brief van 23 februari 2017 heeft Staatssecretaris Dijkhoff van Veiligheid en Justitie aan de Tweede Kamer een versoepeling van het inkomensbeleid voor gezinshereniging aangekondigd.

In deze brief gaat de staatssecretaris tevens in op de situatie van Nederlandse expats die met hun buitenlandse gezinsleden willen terugkeren naar Nederland.

De staatssecretaris schrijft: “De positie van een Nederlandse expat die er niet in is geslaagd een arbeidsovereenkomst te verwerven van ten minste een jaar, zal aan de hand van individuele omstandigheden moeten worden beoordeeld. Het is mogelijk maatwerk te leveren en rekening te houden met de situatie waarin een Nederlandse expat zich bevindt. Kennelijk is de Nederlandse expat niet goed op de hoogte van deze mogelijkheid. Om die reden zal gerichtere voorlichting worden gegeven.“.

Het is positief te noemen dat er volgens de staatssecretaris ‘maatwerk’ mogelijk is voor de beoordeling van het inkomen van Nederlandse expats die met hun buitenlandse partners naar Nederland willen terugkeren. De staatssecretaris lijkt te suggereren dat deze mogelijkheid altijd al bestond. In de praktijk blijkt echter niet dat de IND zich hiervan bewust is. Voor de terugkerende Nederlandse expats is het dus zaak om bij een eventuele aanvraag om gezinsherenigen te wijzen op het standpunt van de staatssecretaris hierover.

Wat zijn de mogelijkheden?

Bij de beoordeling van een MVV-aanvraag wordt getoetst of de hoofdpersoon in Nederland beschikt over voldoende, duurzame en zelfstandige inkomsten.

De regels hierover geven alleen een kader voor de beoordeling van de meest voorkomende situaties. Voor inkomen uit het buitenland geven deze regels nauwelijks een bruikbaar kader.

In de uitvoeringspraktijk van de IND zijn er wel bepaalde uitgangspunten geformuleerd, maar deze zijn verwerkt in interne werkinstructies en hieraan kunnen geen rechten worden ontleend. Deze uitgangspunten staan hieronder opgesomd:

Zelfstandige inkomsten

Een inkomen is zelfstandig wanneer de nodige premies en belastingen zijn afgedragen. Dit is de reden waarom de Immigratie- en Naturalisatiedienst als vereiste stelt dat inkomsten, binnenlands of buitenlands, in ieder geval aangegeven zijn bij de Belastingdienst. De IND laat in het midden of de Belastingdienst over dat inkomen belasting of premies heft.

Zolang men niet in Nederland woont, is het niet logisch om buitenlandse inkomsten te melden bij de Nederlandse betalstingdienst. Is men geen ingezetene van Nederland, dan valt men niet onder de Nederlandse belastingplicht. Desondanks vindt de IND het belangrijk dat het buitenlandse inkomen in Nederland bij de Belastingdienst is gemeld.

Duurzaamheid van de inkomsten

Voor de beoordeling van de duurzaamheid van de inkomsten kunnen buitenlandse inkomsten worden meegerekend. Wel moet vaststaan dat deze inkomsten ook in Nederland voort zullen duren. Voor de rest gelden de algemene voorwaarden voor duurzaamheid, afhankelijk van het soort inkomen (loondienst, onderneming, vermogen, etc.).

Toekomstig dienstverband

Volgens de IND is het mogelijk een dienstverband in Nederland voor de Nederlandse referent te laten ingaan op het moment dat de buitenlandse partner of echtgeno(o)t(e) toestemming krijgt om naar Nederland te komen. Dit moet uitdrukkelijk blijken uit de door de referent over te leggen stukken. Met een dergelijk toekomstig dienstverband is het mogelijk om een MVV te bemachtigen voordat de referent zich eerst in Nederland heeft moeten vestigen, dus zonder dat de referent en de buitenlandse partner of echtgeno(o)t(e) gedurende de MVV-aanvraag gescheiden van elkaar moeten leven. Wel moet na afgifte van de MVV ook daadwerkelijk invulling worden gegeven aan het dienstverband, anders kan het verblijf van de partner of echtgeno(o)t(e) in Nederland alsnog worden beëindigd.

Bovenstaande uitgangspunten geven helaas geen sluitend kader voor de beoordeling van alle soorten van inkomen uit het buitenland. Hierdoor is men in veel gevallen overgeleverd aan de willekeur van een beslismedewerker van de IND.

Nederlanders die in een dergelijke, onzekere situatie verkeren zullen een afweging moeten maken of zij voor hun buitenlandse partner of echtgenoot een MVV-procedure moeten starten (met inbegrip van het basisexamen inburgering) of dat zij gebruik maken van de België-route of EU-route.

Bron: https://www.mvv-gezinshereniging.nl

Bent u teruggekeerd naar Nederland en tegen soortgelijke problemen aangelopen? Wij horen graag uw verhaal en ervaringen.

Ervaringen terugkeer Nederland

5 + 7 =